• Jaap Luikenaar

De meest gestelde vraag

Als partner van een borstkankerpatiënt is er één vraag die jou meermaals zal worden gesteld. Want ‘Hoe gaat het met je’, is de meest gewone en open vraag. En tegelijk een heel lastige. Want terwijl je misschien helemaal niet oké voelt, is het je eerste neiging om positief te blijven. En voordat je er erg in hebt, heb je al gereageerd. ‘O, prima hoor’ of ‘Wel goed hoor, dank je’. In de hoop dat de vraagsteller daar tevreden mee is en dat het daarbij blijft. Om het vervolgens over iets anders te hebben. Vaak is het ook een vraag die in het voorbijgaan wordt gesteld. Denk dus maar niet dat de ander altijd een uitgebreid antwoord van je verwacht.





Dat is wel zo als die vraag aan je vrouw, de patiënt, wordt gesteld. En meestal kan zij wél een inhoudelijk antwoord geven. Zeker in de periode van de borstkankerbehandeling. In die tijd gebeurt er zoveel en wellen emoties snel op, zodat er altijd wel iets is dat ze kwijt wil. En ze kan er goed over praten. Ze is dichter en sneller bij haar gevoel. In zijn algemeenheid bezitten vrouwen een uitgebreide woordenschat om hun gevoel over dingen die hen zijn overkomen te omschrijven. Mannen niet, die houden zich liever bij de feiten en zoeken oplossingen. En wat het allemaal met hen doe… Ach, dat slaan ze op, houden ze voor zichzelf.


In Man op de mammapoli heb ik ook over die op het oog zo simpele vraag geschreven. En, belangrijker: over het beste, eerlijke antwoord dat je zou kunnen geven op die Hoe-gaat-het-met-je-vraag. Want stel dat je antwoordt met ‘Nou eigenlijk gaat het helemaal niet zo goed met me’. Reken maar dat je dan steevast een advies krijgt als ‘Hé, wel positief blijven hoor’ of ‘Kop op man, je laat de moed toch niet zakken, hé? Alsof je daar iets mee opschiet. Gewoon accepteren dat het ook wel eens niet goed kan gaan met iemand, is soms moeilijk.


‘Hoe gaat het met je? betekent ‘hoe voel je je’? En die vraag is nu eenmaal niet eenduidig te beantwoorden. Je kunt toevallig misselijk zijn, maar wel een positieve uitslag van een arts hebben gehoord. Of je kunt onzeker zijn over iets, maar tegelijk ook boos….

Als je hoofd er helemaal niet naar staat, kun je de vraag het best beantwoorden met: ‘Fijn dat je er naar vraagt, maar nu even niet. Liever een andere keer’. Je antwoord begint dan positief met ‘Fijn’. Dat is prettig voor de vraagsteller. Dankzij woordje ‘nu’ en de toevoeging ‘liever een andere keer’, houden zowel jij als de belangstellende vragensteller er een goed gevoel aan over. Succes.