• Jaap Luikenaar

Moet kunnen hoor: humor over tumor

Over kanker mag je geen grappen maken… of toch wel? Als partner van Helma heb ik tijdens haar borstkankerbehandeling best wat geintjes uitgehaald. Zij ook overigens. Soms twijfelde ik over mijn galgenhumor, maar samen grinniken om een grap kan zo opluchten. Het relativeert, maakt het allemaal wat draaglijker en geeft ruimte om met de ziekte om te gaan.


Bij het pruiken passen in de kapperszaak bijvoorbeeld, kon ik het niet laten om zelf even zo een haarstukje over mijn vrijwel kale hoofd te trekken. En snel een selfie te maken. Dat brak de spanning wat. Bij mij als toeschouwer, maar meer nog bij Helma zelf natuurlijk. Fijn om te merken dat je met humor als uitlaatklep de mentale pijn van kanker wat kunt verlichten.



In ‘Man op de mammapoli’ schrijf ik over praten over kanker. Of over ‘k’, zoals het vroeger vaak werd genoemd. Hoofdstuk 10 heeft als titel ‘Van praatpaal tot boezemcafé’. En de behalve tumor en humor komt daar ook de oorlogstaal aan bod die vaak bij kanker wordt gebruikt. Kanker moet je bestrijden, heet het dan. Je moet het gevecht aangaan; kanker is je vijand die verslagen moet worden en jij bent de overlever, de survivor. Ik zet een vraagteken achter zo een benadering. Kanker hoort nu eenmaal bij het leven, dat moet je accepteren. ’Als het klote is dan is het klote’. Dat is niet mijn uitspraak, maar zijn de woorden van de inmiddels (aan kanker) overleden René Gude, filosoof en Denker des Vaderlands, tijdens een mooi interview met Matthijs van Nieuwkerk in De Wereld Draait Door (DWDD).


Nog even terug naar de humor.

Iemand vertelde mij ooit over een oncoloog die zijn patiënten voorschreef om minstens één keer per dag keihard te lachen. Tumoren houden namelijk niet van humor, zei hij, net zoals je ook een dictator niet vaak zult zien lachen.


Een ander grappig voorval was toen mijn dochter Paula - dol op carnavalsmuziek en zich van geen kwaad bewust - ineens een cd’tje met de bekende hit ‘Seks met die kale’ van de Lawineboys met DJ Jerome opzette. Helma was niet in de buurt en Paula en ik hebben het keihard meegezongen. Bij mij stonden de tranen in m’n ogen. Van het lachen of van het huilen? Ik zou het niet weten.

Met de positieve energie die van humor uitgaat, is het wellicht een ideetje om, zelfs ook midden in de borstkankerbehandeling, brutaal twee theatertickets te boeken en met je 'patiënt' naar een cabaretvoorstelling te gaan. Veel plezier samen!